1952 - 1960

Terug in Costa Rica bedacht Theodore dat hij op een andere manier wel iets voor de Nederlanders wilde en kon betekenen. Er werden niet veel activiteiten voor de Nederlanders ontplooid en Theodore vond dat daar verandering in moest komen. Een van de redenen dat de Nederlanders het niet zo met elkaar konden vinden, was de concurrentie die tussen hen heerste. Velen werkten immers in dezelfde sector. De hoteliers en restaurateurs voelden meer de concurrentie tussen hen dan de band op grond van hun Nederlanderschap. Het gevolg was dat de één niet aan een activiteit meedeed als een ander wel kwam.
Hoewel het tegenstrijdig leek, dacht Theodore dat juist gezamenlijke recepties en andere activiteiten de onenigheid tussen de Nederlanders de wereld uithelpen. Dit was zijn motivatie voor het oprichten van de Club Holandés.

Hij begon rond te vragen bij vrienden en kennissen of zij dezelfde ideeën hadden als hij. Al snel bleken Bralt Hovenga en Karel Hallebeek geïnteresseerd. Ook Dick Ruyter was in voor de oprichting van een vereniging. Deze Heinekenman, die ook vanuit Curaçao was geëmigreerd, was een echte gangmaker.

Op 2 april 1952 richtten Theodore en de anderen de Club Holandés de Costa Rica op. Op 15 juni 1952 werd de officiële actie van oprichting ingeschreven en geprotocoliseerd bij notaris Cornelio Vega B.

 

Verhalen