|
In de eerste jaren van het bestaan van de club was iedere Nederlander in Costa Rica automatisch lid. Daarmee liep het ledenaantal op tot ongeveer 35 personen. Er waren geen publicaties. De conceptstatuten vermeldden dat een contributie van 10 colones per maand geïnd zou worden.
De Club Holandés organiseerde vanaf het begin van haar bestaan de traditionele Nederlandse feesten.
Tijdens de ziekte van Theodore Peuchen bleek pas echt hoezeer de club gedragen was door zijn inzet en leiding. Toen hij wegviel, viel ook de vereniging als binding tussen de Nederlanders weg.
Zij ontmoetten elkaar nog wel, zoals op het afscheidsdiner van mevrouw Schoch-van Wyck, de echtgenote van ambassadeur. Op de uitnodiging van dit diner, dat in 1965 plaats had, stond echter dat dit diner aangeboden werd door 'een groep in Costa Rica vertoevende Nederlanders en Nederlands-sprekenden'. De Club Holandés werd hier niet genoemd. Langzaamaan zakte de herinnering aan een georganiseerd en door een bestuur geleid samenzijn van Nederlanders weg in de vergetelheid...
Het contact tussen de Nederlanders onderling bleef echter wel bestaan. In 1965 bracht ambassadeur Arnout de Waal de Nederlanders bij elkaar op een geslaagde receptie ter gelegenheid van Koninginnedag. Dit feest beviel goed en samen met zijn Deense vrouw Gurli organiseerde Arnout later dat jaar filmavonden en ook het eerste, zeer geslaagde haringfeest.
Nout de Waal werd in die jaren op handen gedragen. Hij kan misschien zelfs de ongekozen 'voorzitter' van de Club Holandés genoemd worden. Het was dan ook niet verbazingwekkend dat iedereen spontaan meedeed toen hij een oproep deed voor het maken van een Nederlandse stand op de Feria de las Flores in 1968. Deze beurs werd jaarlijks georganiseerd ten bate van het Hospital de Niños. Dat jaar ontstond in een gedeelte van het Parque Nacional een compleet Hollands plein met huisjes en geveltjes.
|