Johan van Veen

Johan van Veen is coördinator van het zogenaamde 'bijenproject' ofwel het 'Programa Regional de Apicultura y Meliponicultura'.

Eind jaren tachtig wilde een Costaricaanse onderzoeker van de Nationale Universiteit, Henry Arce, een bijenteelt-ontwikkelingsproject opstarten om het Afrikaanse bijenprobleem aan te gaan pakken. Zijn opzet slaagde en hij kreeg geld van de Interamerican Development Bank om een onderzoekscentrum te bouwen en wat apparatuur aan te schaffen. Om aan de slag te gaan riep hij de hulp in van de Bijenafdeling van de Universiteit Utrecht. Onder leiding van Marinus Sommmeijer, en met geld van DGIS (Directoraat Generaal Internationale Samenwerking, Ministerie van Buitenlandse Zaken), werd in 1990 in Costa Rica het angelloze bijen onderzoeksproject opgestart, waarvan ik locaal de leiding kreeg.
Dit project had als doel de mogelijkheid van de teelt met angelloze bijen te onderzoeken. Gedurende drie jaar werd er door Nederlandse en Costaricaanse onderzoekers en studenten gewerkt aan onderzoek om de angelloze bijenteelt te moderniseren. Dit verliep behoorlijk succesvol. Er werd veel kennis opgedaan hoe deze bijen in kisten te houden, hoe hun voortplantingsbiologie is, wat belangrijke voedselplanten (drachtplanten) zijn, en over de belangrijkste plaag, een parasiterende vlieg uit de familie der Foriden.

In deze laboratoria werken biologen, agronomen, een chemicus en een dierenarts samen om onderzoek te doen aan de belangrijkste problemen voor de bijenteelt in Costa Rica en andere Centraal-Amerikaanse landen. Regelmatig komen dan ook studenten, universiteitsmedewerkers of staf van ministeries van landbouw uit Panama, Nicaragua, Honduras, Guatemala of El Salvador op bezoek om opgeleid te worden in deze probleemvelden. Ook is er een intensieve uitwisseling van Nederlandse en Costaricaanse studenten die deelnemen aan het onderzoek.

Hoofdstuk